Nieuw Bergen
- Hits: 11221
Na de bevrijding van ons land in 1945, werd in Bergen voor de jeugd Jong Nederland opgericht. Initiatiefnemers waren, de nieuwe uit Horst afkomstige, kapelaan en tevens aalmoezenier Harry Hoogers (1914-1992), en de onderwijzers Albert Rouschop en Frans van Well. Eén van de jeugdleden van Jong Nederland destijds was de toen 13-jarige Ben Giesen.
Kapelaan Hoogers was voor de volgende verenigingen de geestelijke adviseur:
Kapelaan Hoogers heeft tot 1949 zijn werkzaamheden in Bergen verricht. Daarna vertrok hij naar Kessel en Weert. In 1963 werd Harry Hoogers rector in het Venrayse kerkdorp Veulen. In 1988 ging Harry Hoogers met emiraat.
Toen kapelaan Harry Hoogers aankondigde Bergen te gaan verlaten, moest er worden nagedacht over een passend afscheidscadeau.
Jan Smits zijn auto in het water in Afferden bij het veerpontje, op weg naar de Markt in Boxmeer.
De auto was zwaar beladen met textielgoederen van de handrem gesprongen terwijl Jan stond te plassen.
Ze hadden wekenlang waterschade. Bij de hele buurt werden goederen gedroogd op de waslijnen.
Dankzij de hulp van jongens uit Afferden, van Heijligers en meester Klaassen konden ze de auto vastleggen
met een ketting anders was hij naar de stuw gedreven.
Op 12-06-1954 is mijn broer Piet geboren. Mijn moeder was net 7 maanden zwanger toen de bevalling inzette.
Ik werd midden in de nacht wakker gemaakt door mijn vader en moest meteen meekomen zonder lawaai te maken zodat de rest van de familie door kon slapen. Beneden gekomen moest ik bij het fornuis plaatsnemen met de instructie: het vuur zo goed als mogelijk op pijl te houden zoals hij het toen had en kreeg precies voorgedaan hoe groot ik het hout moest kloven zodat dit het beste lukt zei hij.
Daarna ging hij op de fiets naar vroedvrouw Mevr.Berends. Thuis gekomen gaf hij mij een pluimpje, goed zo Martin volhouden. De fornuisoven lag vol gestapeld met muurstenen welke warm moesten worden. Er naast stond een kist met een lengte van 4 muurstenen en een breedte van 2 muurstenen welke mijn vader in elkaar getimmerd had. De vroedvrouw was inmiddels gearriveerd.
1. Dialect in de lagere school
In de vijftiger jaren (1954) zijn velen van ons thuis grotendeels in het dialect opgevoed. Televisie en internet bestonden niet en lezen konden we nog niet,
dus moesten wij vanaf het begin van de kleuterschool het "Hoog Hollands" met een taalachterstand beginnen. Dat is ons overigens goed gelukt.
Binnen de kortste keren waren we ook het "Hoog Hollands" machtig.
Overigens wel met een streekgebonden dialecte tongval.
Maar soms kwam dat in het gedrang , wanneer het maximum van ons denkvermogen gevraagd werd zoals in onderstaand geval.
Het gebeurde in de tweede klas van de lagere school.
We begonnen langzaam te begrijpen hoe het hoofdrekenen in z'n werk ging.
Dat kostte wel het maximum van onze geheugentjes bij een opdracht en er moest niet tegelijk een tweede opdracht bij komen.